Bedrijfsarts worden? Doe de test!

Steeds meer artsen kunnen de vervolgopleiding die ze op het oog hebben niet doen omdat er te weinig opleidingsplekken zijn. Tegelijkertijd is er in de bedrijfsgeneeskunde grote behoefte aan mensen die vol overtuiging voor dit specialisme kiezen. Ook zijn er voldoende opleidingsplekken beschikbaar. Bedrijfsgeneeskunde zou mede om die reden voor menig basisarts of geneeskundestudent wel eens een heel interessante keuze kunnen zijn. Overweeg jij om bedrijfsarts te worden? Doe dan nu de test!

Podcast: Wat kunnen bedrijfsartsen doen bij werkstress?

Vanaf maandag 11 november is het de Week van de Werkstress. Werkstress is een onderwerp dat ook voor (toekomstige) bedrijfsartsen uiterst relevant is. Daarom gingen we erover in gesprek met Femke van Leeuwen, Lianne Schouten en met Marjolein Bastiaanssen, projectleider van de herziene richtlijn Psychische problemen.

Samen verdiepten we ons in het thema werkstress. Wat is het? Hoe groot is het probleem? Maar vooral ook: wat is de rol van de bedrijfsarts bij werkstress? Benieuwd hoe je als bedrijfsarts het verschil kan maken bij werkstress? Luister dan met ons mee!

Tijdlijn

  • 00:00 – Introductie van de podcast: waar gaan we het over hebben?
  • 00:30 – Introductie van de gastsprekers

Over werkstress

  • 00:50 – Werkstress: wat is het eigenlijk?
  • 01:54 – Hoe herken je werkstress?
  • 03:08 – Hoe groot is het probleem van werkstress? Waar komt het vooral voor en waarom juist daar?
  • 05:01 – Is de oorzaak van werkstress meer afhankelijk van de persoon of de aard van het werk?
  • 06:21   Is er ook een link te leggen tussen werkstress en de flexibilisering van de arbeidsmarkt?
  • 07:20 – Is het probleem nu groter dan vroeger?

De bedrijfsarts bij werkstress

  • 08:27 – Wat is de toegevoegde waarde van de bedrijfsarts bij werkstress?
  • 11:47 – Wat is jouw rol als bedrijfsarts wanneer iemand uitvalt door werkstress?
  • 13:29 – Welke hulp kun je bieden als bedrijfsarts?
  • 14:33 – Met wie praat je vooral als bedrijfsarts? Medewerkers of leidinggevenden?

Middelen en methodieken

  • 15:46 – Herziene Richtlijn Psychische Problemen
  • 19:02 – Het driegesprek
  • 19:57 – Nieuwe tools in de richtlijn psychische problemen (voorbeeldvragen, positieve psychologie)

De rol van de bedrijfsarts

  • 22:14 – Praktijkvoorbeeld ‘kruispunt in je loopbaan’
  • 23:35 – De bedrijfsarts als adviseur
  • 24:19 – De bedrijfsarts als arts
  • 24:47 – De bedrijfsarts als regisseur
  • 25:32 – Het bieden van preventieve maatregelen
  • 26:17 – Adviseren op organisatieniveau

Het vak bedrijfsarts

  • 27.32 – De ontwikkeling van het vak, pionieren!
  • 29.33 – Afsluiting met twee sleutelvragen: Voor wie is het beroep van de bedrijfsarts een mooie stap? En in hoeverre kun je als bedrijfsarts het verschil maken bij werkstress?

Podcast: Het verhaal van Stefan

Stefan van Vuuren twijfelde over een specialisatie in psychiatrie of urologie, maar maakte uiteindelijk de overstap naar bedrijfsgeneeskunde. Waarom? Met mensen in gesprek gaan gaf hem de meeste voldoening. In de eerste aflevering van de podcast ‘Bedrijfsarts worden. Het betere werk!’ vertelt Stefan over zijn drijfveren en zijn keuze voor het vak. Samen met instituutsopleider Inge van der Ende (SGBO) vertelt hij over het veelzijdige beroep en over de opleiding.

Ik help nu mensen om het beste uit zichzelf te halen’

De tijdlijn (bookmarks):

  • 00.00 – Introductie “Welkom bij Het Betere Werk”
  • 00.15 – Introductie sprekers: Stefan van Vuuren, aios bedrijfsgeneeskunde, en Inge van der Ende, instituutsopleider
  • 00.27 – “Wanneer ik wist dat ik bedrijfsarts wilde worden…” – Stefan over zijn keuze voor het vak.
  • 04.46 – Hoe maken andere bedrijfsartsen deze keuze? Welke overwegingen hebben zij bij hun keuze?
  • 06.50 – Welk beeld had je van het vak bedrijfsarts als student? Hoe is dat beeld sindsdien veranderd?
  • 08.24 – “De meeste mensen willen wel werken, maar kunnen het niet” – Stefan
  • 10.29 – Hoe merk je als ambassadeur voor ‘Bedrijfsarts Worden: Het Betere Werk’ dat het beeld van het vak verandert bij mensen, bijvoorbeeld bij carrièredagen?
  • 13.02 – Hoe ziet de opleiding tot bedrijfsarts eruit?
  • 15.14 – De rol van de praktijkopleider
  • 16.16 – Ruimte om ook dingen náást je vaste beroep te doen
  • 17.38 – Wat Inge als opleider haar studenten vooral wil bijbrengen.
  • 18.56 – Een lastiger element van de opleiding: wetenschappelijk onderzoek
  • 19.41 – Hoe breed is het spectrum van de opleiding? Wat leer je?
  • 21.00 – De koppeling tussen theorie en praktijk bij arbeidsconflicten.
  • 24.53 – De drie A’s: actie ondernemen, leren accepteren en afscheid nemen
  • 27.12 – Rondkijken op de werkvloer, je leert over de beroepen van anderen

Totale knieprothese: advies bedrijfsarts weegt zwaar

WETENSCHAP – Bedrijfsarts worden is één ding, bedrijfsarts blijven is een tweede. ‘Is dat vak na tien jaar nog steeds leuk?’ vraag je je misschien af. Jazeker, bedrijfsgeneeskunde blijft in beweging, zeker ook op wetenschappelijk gebied. Om dat te laten zien, geven we hier regelmatig een inkijkje in recent onderzoek. Dit keer: welke factoren ervaren kniepatiënten als herstelbelemmerend of -bevorderend in de werkhervatting na een totale knieprothese?

Het aantal patiënten met een knieprothese zal de komende jaren in Nederland flink toenemen. Dit komt onder andere door de toename van het aantal mensen met overgewicht. Een totale knieprothese (TKP) is een succesvolle operatie voor het verminderen van de pijn bij artrose in de knie. Veel patiënten kunnen na de operatie niet meer aan het werk. Met name ‘jonge’ knieprothesepatiënten vinden het belangrijk om na de operatie wel weer snel aan de slag te kunnen gaan. Daarom is er onderzoek uitgevoerd naar de kenmerken van effectieve zorg voor terugkeer naar het arbeidsproces. Wat zijn belemmerende en bevorderende factoren voor werkhervatting?

Herstelbevorderende en -belemmerende factoren

Om dit vast te stellen zijn dossiers bekeken van 15 bedrijfsartsen bij werkende patiënten die tussen 2013 en 2015 werden geopereerd voor een TKP. Patiënten gaven de onderzoekers toestemming de tijd tot terugkeer naar werk uit het dossier te halen. Op basis hiervan is onderscheid gemaakt tussen twee groepen: werkhervatting binnen zes maanden na de TKP en werkhervatting langzamer dan zes maanden na de TKP. De kniepatiënten kregen hierop een vragenlijst toegestuurd, waarin hen werd gevraagd naar 12 belemmerende en 12 bevorderende factoren bij de werkhervatting.

Positief advies bedrijfsarts draagt bij aan snelle werkhervatting

Het onderzoek resulteerde in antwoorden van 20 kniepatiënten, van wie de gemiddelde leeftijd 58 jaar was. 11 van hen waren binnen zes maanden weer volledig aan het werk, de rest was langer dan zes maanden bezig tot volledige werkhervatting. Bevorderende factoren voor werkhervatting zijn volgens de patiënten een positief advies van de bedrijfsarts en de orthopeed en een goed verlopen operatie. Belemmerende factoren zijn bijvoorbeeld symptomen van ongunstig herstel, zoals een gezwollen knie en verminderde flexibiliteit in het been. Ook een hoge verwachting voor het herstel werd als belemmerende factor ervaren. Voor bedrijfsartsen is vooral van belang dat al voorafgaand aan de operatie goed gepraat wordt over werkhervatting en eventuele hersteltijden. Dit draagt volgens patiënten zeker bij aan het herstel en de mogelijke werkhervatting.

Extra ambassadeur voor regio Amsterdam

We verwelkomen Jeffrey Schaap als nieuwe ambassadeur van het vak bedrijfsarts. Jeffrey liep als anios huisartsgeneeskunde, neurochirurgie en neurologie steeds tegen tijdsgebrek aan. ‘De focus lag vaak op de aandoening, voor het plaatje eromheen was geen ruimte. Dat vond ik zonde. Ik wil naar de mens kijken, niet alleen naar de aandoening. Dat was voor mij de belangrijkste reden om de stap te zetten naar bedrijfsgeneeskunde.’

Meeloopdagen

Jeffrey is sinds september 2018 in opleiding tot bedrijfsarts en werkt bij Zorg van de Zaak, regio Amsterdam. Als ambassadeur gaat hij de komende tijd onder andere via een aantal blogs over zijn vak vertellen. Jeffrey is ook beschikbaar voor meeloopdagen. Dus: woon in je in de noordelijke Randstad en wil je een dagje met hem meelopen om meer te weten te komen over het vak? Mail dan Jeffrey!

Meer weten over Jeffrey? Lees hier waarom hij ambassadeur is geworden!

Mijn eerste lesdag: hoe Harry Potter wil je je voelen?

De afgelopen week ben ik, Bart van Leeuwen, begonnen met de opleiding tot bedrijfsarts bij SGBO. De lesdagen vinden plaats bij Soeterbeeck in Ravenstein. Dit is een voormalig klooster, wat het meteen ook tot een unieke lesomgeving maakt.  Hoe mijn eerste dag eruitzag? Na een tocht door de mist doemt het klooster op, met de mooie tuin eromheen.We worden ontvangen met een drankje in de tuinserre van het gebouw. Daarna volgt  de eerste lesdag in de oude bibliotheek, waar we tussen boeken uit de 17e en 18e eeuw zitten. Hoe Harry Potter wil je je voelen?

Bier uit de omgeving

De ochtend wordt afgesloten met een lunch en een wandeling door de tuin van het klooster. Daarna gaan we nog even door en krijgen we de laatste informatie over wat ons de komende vier jaar te wachten staat. We sluiten af met een borrel en drinken bier dat in de omgeving gebrouwen is. Daar kunnen de meeste mensen wel aan wennen, lijkt mij.  Ik heb er in ieder geval alle vertrouwen in dat het vier goede jaren worden, maar dat liet ik misschien al enigszins doorschemeren:)

Oh ja: mocht je het allemaal niet geloven of wil je het zelf een keer zien of proeven, dan kun je zelf een kamer boeken in het klooster!


Dagje meelopen?

Bart van Leeuwen wil als ambassadeur graag over zijn vak vertellen. Woon in je in de regio rond Rotterdam en wil je een dagje met hem meelopen om meer te weten te komen over vak? Of wil je hem als studievereniging graag laten vertellen over zijn werk? Mail Bart!

Blogs

Wat spreekt mij zo aan in de rol van bedrijfsarts?

Arbowet (II): dichter bij de werknemers

Wat betekent de nieuwe Arbowet voor het vak van bedrijfsarts? In een korte serie zetten we de voornaamste veranderingen op een rijtje. Deze keer: het werkplekbezoek en het preventieve spreekuur.

Als bedrijfsarts ben je er niet alleen om verzuim op te lossen. Je moet het volgens de vernieuwde Arbowet vooral ook zien te voorkomen. Twee belangrijke nieuwe instrumenten hiervoor zijn het ‘werkplekbezoek’ en het ‘preventieve spreekuur’. Tik je deze begrippen in bij een zoekmachine, dan vind je veel uitleg over werknemersrechten en werkgeversplichten. Het is belangrijk om je hier bewust van te zijn. Maar voor een (aankomend) bedrijfsarts heeft de medaille ook nog een andere kant. Het werk verandert!

Wat staat er precies?

Die andere kant van de medaille ontdek je pas als je zorgvuldig leest hoe de wetgever het werkplekbezoek en het preventieve spreekuur in de wet omschrijft. Want wat staat er nou precies? Sinds 1 juli 2017 bepalen twee nieuwe onderdelen van de Arbowet (artikelleden 14.2e en 14.2f) het volgende:
• ‘Er is een doeltreffende toegang tot de bedrijfsarts’
• ‘De bedrijfsarts is in de gelegenheid iedere arbeidsplaats in het bedrijf of de inrichting van de werkgever te bezoeken’

Tijd vrijmaken

Met deze nieuwe bepalingen verandert het werk van de (aankomende) bedrijfsarts in de praktijk . Ga maar na: ‘doeltreffende toegang’ kun je alleen bieden door de reisafstand voor werknemers binnen de perken te houden. En ‘in de gelegenheid zijn’ voor werkplekbezoek gaat natuurlijk wel een stukje verder dan afspreken dat de werkgever je door het toegangshek laat. Het betekent heel praktisch dat je tijd moet vrijmaken om dichter bij werknemers te kunnen zijn. Al is het maar omdat er meer reistijd nodig is.

Afspraken

Je hoeft geen helderziende te zijn om te voorspellen dat werkgevers de bepalingen in de nieuwe Arbowet zullen gaan vertalen naar dienstverleningsvereisten. Ze zullen bij arbodiensten en andere dienstverleners afdwingen dat de bedrijfsarts nabij is als dat nodig is. De wet helpt hierbij een handje, want deze verplicht werkgevers om hierover contractuele afspraken over te maken.

Moraal van dit verhaal? Als bedrijfsarts kom je letterlijk dichter bij werknemers te staan. Dat gaat het werk zonder enige twijfel extra interessant maken. Al zal soms om wat meer reistijd, organisatorisch talent en vindingrijkheid vragen.

____________________
Animatie over rol bedrijfsarts

Wil je meer weten over de nieuwe Arbowet, check dan ook ‘ns deze animatie over de rol van de bedrijfsarts.

Gertjan Beens: meer preventie, minder dweilen

BEDRIJFSARTS IN BEELD. Gertjan Beens is sinds 1992 bedrijfsarts. Sinds eind 2017 is hij ook voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB). Hij vertelt over zijn loopbaan en zijn bestuurlijke ambities. “Het is zinloos om geld in de curatiedweil te pompen terwijl de preventiekraan wijd open staat.”

Wanneer wist je dat je bedrijfsarts wilde worden?
‘Toen ik geneeskunde ging studeren, had ik een vaag beeld over ‘mensen beter maken’. Tijdens de studie vond ik veel interessant. Dat was ook nog zo bij de coschappen. Uiteindelijk was ik toch het meest gericht op gezondheidsvragen in een breder perspectief. Daar kwam ik bij mijn militaire dienstplicht achter. Ik zat bij de Luchtmacht en mijn baas was in opleiding tot bedrijfsarts. Hij gaf me de kans mee te kijken bij anderen. Toen wist ik wat ik wilde. Ik werd aangenomen in Breda, waar ik ging werken als bedrijfsarts, nog zonder opleiding. Nu zou dat ANIOS heten, maar toen werd daar niet zo op gelet. Na een jaar kon ik starten met de opleiding. Vanaf het eerste moment vond ik het vak prachtig. Het ruime blikveld sprak me erg aan. Het werk ging behalve over ziekte en gezondheid ook over communicatie, werkrelaties en bijkomende factoren. Ik keek zowel naar de patiënt als naar diens werkomgeving, kon problemen analyseren en adviseren. Verrijkend!’

Wat is het meest opmerkelijke dat je in je werk als bedrijfsarts bent tegengekomen?
‘Mijn mensbeeld is positief. Iedereen wil betekenisvol zijn en zijn best doen voor zichzelf, collega’s of bedrijf. Van de borrelpraat dat je constant belazerd wordt door mensen die een uitkering willen geloof ik helemaal niets. Al geldt ook hier: de uitzondering bevestigt de regel. Ik heb welgeteld één keer meegemaakt – in 30 jaar praktijk – dat iemand zijn complete ziektebeeld simuleerde. Deze persoon kwam zwalkend binnen, sloeg wartaal uit en liep zwalkend weer naar buiten, ondersteund door familieleden of begeleidende vrienden. De presentatie was consistent, tot diagnosestelling, doorverwijzing en voorgeschreven medicatie aan toe. Toch rook de werkgever onraad, met als bron collega’s en anonieme tips. De werkgever huurde een privédetective in, met James Bond-achtige foto-opnamen en stille achtervolging. Wat bleek? Betrokkene was over de grens bezig een eigen zaak op te bouwen. Hij werd op staande voet ontslagen. Tegelijk kan ik niet anders dan mensen blijven vertrouwen. Vertrouwen is de basis van ons werk.’

In hoeverre is jouw werk als bedrijfsarts in de loop der jaren veranderd?
‘Ik heb me altijd met begeleiding van arbeidsongeschikte mensen beziggehouden. Hierdoor kwam ik met iedereen in contact en kwam ik op allerlei plaatsen binnen bedrijven. Er was in mijn beginjaren nog echt ruimte voor preventie, we deden bijvoorbeeld ook preventief medisch onderzoek en werkplekonderzoek. Omdat ik veel hoorde en wist had ik een zeker mandaat om ook iets te vinden van algemene werkproblemen. Er was ook direct contact met leidinggevenden en eindbazen; de ideale weg om – hoe gering soms ook – invloed uit te kunnen oefenen. Toen de sociale zekerheid midden jaren negentig privatiseerde, verschoof de focus naar verzuimbestrijding. Er was minder aandacht voor preventieve maatregelen en gezondheidsbevordering. Maar ook dat is inmiddels weer gekanteld. Bij de bedrijven waarvoor ik werk – vaak wat grotere klanten die hun werkgeverschap goed willen invullen – is er wel degelijk veel aandacht voor preventie. Ik zie het als mijn uitdaging werkgever en werknemer tot keuzes en actie aan te zetten.’

In hoeverre heb je zelf richting gegeven aan jouw werk en ontwikkeling?
‘Ik heb me altijd gericht op méér dan alleen het probleem in de spreekkamer. En zoek dus ook altijd contact met mensen daarbuiten, of dat nu behandelaars, chefs of eindverantwoordelijken zijn. Het helpt dat ik de helft van mijn werkzame leven managementverantwoordelijkheid heb gedragen. Ik weet dat organisaties niet primair gericht zijn op de gezondheid van hun medewerkers. Er is een bruggetje nodig, een vertaling van organisatiebelangen naar gezondheidsbelangen en inzetbaarheid. Die strategische benadering van gezondheidsmanagement ligt me goed; ik heb hier ook een aanvullende leergang in gedaan. Daarmee blijf ik plezier houden in mijn werk en waarde leveren. Ik kan zo mijn eigen ontwikkeling voortzetten én toepassen in de werkpraktijk.’

Hoe komt iemand op het idee om voorzitter van de NVAB te worden?
‘Haha, heel simpel: niet. Toen de vacature langs kwam dacht ik: jaja, weer een schaap met vijf poten gezocht. Niets voor mij. Maar ik was wel al langer aan het nadenken over een volgende loopbaanstap. Toen ik actief benaderd werd voor het voorzitterschap vielen de puzzelstukjes samen. Ik zie het als een kans en een eer om langs bestuurlijke weg iets terug te doen voor het vakgebied waaraan ik veel te danken heb. We hebben een prachtig vak. Het belang van sociale geneeskunde – gezondheidszorg mét context, en oog op preventie – wordt alleen maar groter. Het is zinloos om eindeloos meer geld in de curatiedweil te pompen terwijl de preventiekraan wijd open staat! Vraag mensen wat ze belangrijk vinden in het leven. De kans is groot dat werk en gezondheid in de top vijf staan. Daar dagelijks over mogen adviseren is betekenisvol én belangrijk. Daarom moet dat vak uitgedragen en inhoudelijk uitgebouwd worden. Daarvoor staat de NVAB.’

Hoe wil je als voorzitter bijdragen aan de werving van bedrijfsartsen?
‘We dragen als bedrijfsartsen bij aan de gezondheid van werkende mensen, aan behoud van inzetbaarheid in werk en aan participatie in de maatschappij. Dat zijn zaken van algemeen belang. Die boodschap zal ik actief blijven uitdragen naar iedereen die interesse heeft in ons vak. Tegelijkertijd blijf ik lobbyen voor nieuwe vormen van financiering. We hebben als bedrijfsartsen te weinig financiële armslag. Het is vreemd dat voor opleiding, wetenschappelijke richtlijnontwikkeling en kwaliteitszorg geen middelen beschikbaar zijn, zoals dat bij bijvoorbeeld huisartsen en ziekenhuisspecialisten wel het geval is. Dat is op langere termijn niet houdbaar en niet terecht – juist ook omdat wij als bedrijfsartsen zaken van algemeen belang dienen.’

De meeloopdag: wat willen artsen weten?

Onlangs heeft een medisch specialist een dagje bij mij, Erik-Jan van Wijhe, meegelopen. In het contact merkte ik dat ze me vragen stelde die ongetwijfeld ook bij andere artsen en studenten spelen. Twee hiervan wil ik met deze blog graag in bredere kring delen.

Hoe onafhankelijk kun je te werk gaan?

‘Ik voel me volledig onafhankelijk, zeker in mijn huidige rol bij de politie. Dat betekent niet dat het altijd makkelijk is. Als bedrijfsarts ben je een professional die zich per definitie in een spanningsveld bevindt. Het betekent dat je ook ongemakkelijke boodschappen objectief moet kunnen brengen. Richting werknemer, maar zeker ook richting werkgever: als ik adviezen geef moet ik dat goed toelichten en daar goed over communiceren.

Bij Politie Oost-Nederland waar ik werk hanteren we een model waarbij een leidinggevende de hoofdrolspeler is bij de verzuimbegeleiding. Deze formuleert een gerichte vraagstelling aan de bedrijfsarts die vervolgens mogelijkheden, beperkingen en prognose ten aanzien van werk en werkhervatting in kaart brengt. Dat kan soms heel complex zijn, bijvoorbeeld als iemand na een myocard infarct zich nog erg moe voelt, maar er op de achtergrond ook ander factoren meespelen zoals het functioneren, angst om te bewegen en angst om fysiek weer actief te worden. Op zo’n moment wordt er veel van je vaardigheden gevergd om iemand weer in beweging te krijgen. Toch moet dat wel gebeuren, want je weet dat inactiviteit juist leidt tot een verlaagde algehele belastbaarheid en een snellere toename van klachten bij hervatting van inspanning. Graded activity en graded excercise zijn sleutelwoorden voor herstel.’

Bedrijfsarts Erik-Jan van WijheHoe groot is de stress?

‘In de regel is het vak niet overmatig stressvol. Veeleisende klanten en tijdgebrek kunnen natuurlijk wel stress opleveren. De kunst is om bij een werkgever te gaan werken waar je de tijd krijgt om kwaliteit te leveren, waar je zonder veel problemen een uur de tijd kan nemen voor iemand met een forse burn-out en waarbij je ook de tijd krijgt om nadien met de leidinggevende te overleggen hoe je voorkomt dat de werknemer bij terugkomst op de werkvloer weer in al zijn valkuilen stapt. Hoe stressvol het werk is hangt natuurlijk ook van jezelf af, van je werkgever en de manier waarop je werk is ingericht. Er zijn vast wel bedrijfsartsen die diensten draaien, maar 99% werkt in kantooruren. Sommige bedrijfsartsen reizen het hele land door op zoek naar klanten, andere werken relatief comfortabel vanuit hun arbodienst. Sommigen zweren bij werken op locatie bij de klant, anderen prefereren een gebouw vol collega bedrijfsartsen. Arbodiensten kunnen ook hoge streefnormen hebben qua declarabiliteit. Bij interne arbodiensten speelt dat vaak wat minder. Parttime werken gaat in dit vakgebied ook probleemloos. De afgelopen acht jaar heb ik zelf vier dagen per week gewerkt. Geweldig!’

Vrijdag: kleinere bedrijven, logistiek en vliegtuigsimulatoren

Op vrijdag werk ik, Christiaan Mollema, het grootste deel van de dag op ons kantoor in Den Haag. Ik spreek hier werknemers van kleinere bedrijven; het loont niet om een halve dag of langer bij het bedrijf zelf op locatie aanwezig te zijn. Ik spreek deze dag een grote verscheidenheid aan patiënten. Variërend van mensen die herstellen na een uitgebreide operatie tot mensen tot uiteenlopende psychologische en psychiatrische klachten. Twee of drie keer per maand ga ik op vrijdagmiddag bij bedrijven langs om op locatie een spreekuur te houden. Dit doe ik onder andere bij een logistiek bedrijf en bij een bedrijf dat vliegtuigsimulatoren bouwt.

Meer weten? Meelopen?

Ik hoop dat je als lezer op deze manier een indruk heb gekregen van hoe de werkweek van een bedrijfsarts eruit ziet. Wil je meer inhoudelijke informatie, neem dan contact met mij op. Wil je als coassistent of als arts een dag met mij meelopen om een betere indruk te krijgen? Ook dat kan. Stuur me even een mail, dan hoor je van me!

naamloos2