‘Van stratenleggers tot consultants: ik begeleid ze allemaal’

We mogen weer een nieuwe ambassadeur verwelkomen: Julie Verbist. Als arts in opleiding tot bedrijfsarts staat Julia midden in de maatschappij en heeft ze een verbindende rol in het bedrijfsleven. Dat vindt zij het allermooiste aan het vak. ‘De band die je opbouwt met werkgevers en de adviserende rol die je hebt binnen een bedrijf vind ik fantastisch’. Lees verder…

Welkom Julia!

Luistertip: Bedrijfsarts & corona

Recent verscheen de aflevering ‘Bedrijfsarts: corona en vooroordelen’ van Werkverkenners. BNR Nieuwsradio zoomde hiermee in op het werk van de bedrijfsarts bij corona. De bedrijfsarts heeft juist ook in deze coronatijd een belangrijke rol in het voorkomen en bestrijden van ziekteverzuim. BNR sprak hierover met bedrijfsarts en ambassadeur Madelijn de Kleine, collega-bedrijfsarts Els Carsouw en arbeidsrechtsadvocaat Maarten van Gelderen.

Duidelijke uitleg en afspraken

Ambassadeur Madelijn weet dat mensen lang niet altijd goed weten wat bedrijfsartsen allemaal kunnen en mogen doen. Ze geeft daarom altijd meteen duidelijke uitleg en maakt concrete afspraken. Zo weten werknemer en werkgever meteen wat zij van haar als bedrijfsarts kunnen verwachten. ‘Voor iedereen die het eerst bij mij komt heb ik een introductiepraatje waarin ik uitleg wat mijn werk inhoudt. Ik vertel dat wij twee belangrijke taken hebben: preventie en mensen begeleiden in hun functioneren – daar waar gezondheid en werk elkaar raken. Dat kan doordat je ziek wordt en dat invloed heeft op het werk. Maar ook andersom, wanneer je denkt: hé, wat doet werk met mijn gezondheid?’

‘Bedrijfsarts spreek ik pas als ik uitval, toch?’

Veelvoorkomend misverstand is dat een bedrijfsarts pas te benaderen is wanneer er sprake is van ziekteverzuim. Niks is minder waar. Preventie is een belangrijk (en leuk!) onderdeel van het werk van de bedrijfsarts. Ook dat maakt Madelijn meteen duidelijk in haar introductiegesprek: ‘Vooral het stukje preventie – dus dat mensen ook bij ons kunnen komen zonder dat ze ziekgemeld zijn – is vaak niet bekend bij mensen. Dat biedt vaak ook meteen weer nieuw perspectief. Mensen zeggen dan: oh, dus ik mag ook gewoon zelf bij jou komen als ik vragen heb? Dan zeg ik: ja graag! Dat zijn ook voor mij vaak de leuke gesprekken.’

Geheimhoudingsplicht

Bespreek vooraf goed de spelregels, adviseert Madelijn. ‘Bijvoorbeeld dat wij rekening houden met privacy en geheimhoudingsplicht hebben, net zoals huisartsen of specialisten in het ziekenhuis. Dingen die je met mij bespreekt over je privéleven en medische dingen blijven tussen jou en mij.’ Natuurlijk informeren bedrijfsartsen ook de werkgever, maar die informatie is per definitie altijd beperkt. ‘Je meldt in een brief of iemand in de huidige situatie wel of niet werkt, met welke beperkingen de werkgever rekening kan houden en wat de werknemer juist wel kan. Niet meer en niet minder.’

Contact en overleg

Doordat verslagen van bedrijfsarts – onder meer vanwege de medische geheimhoudingsplicht – beperkt blijven, vinden bijvoorbeeld arbeidsjuristen de rapporten soms te summier om er iets mee te kunnen. dat leidt soms tot vragen. Madelijn benadrukt dat het vaak om langdurige processen gaat. ‘Ik ken de medewerker soms al langer en bij een langer durend verzuimtraject zie je iemand best vaak. En de managers, die ken ik ook. Je zit met elkaar in een proces.’ Bij onduidelijkheden staan bedrijfsartsen open voor toelichting en overleg. ‘Een bedrijfsarts is niet altijd direct bereikbaar via telefoon – want ze zijn nou eenmaal vaak in gesprek met collega’s, werknemers of werkgevers – maar de mailbox wordt altijd gelezen.’

Aflevering beluisteren?

Beluister de volledige aflevering hieronder of via BNR.nl

 

Online ‘spreekuur’ voor geneeskundestudenten en artsen

‘Een klein inkijkje in het werkende leven van de bedrijfsarts’

Vanaf april 2021 organiseert bedrijfsartsworden.nl online spreekuren om geïnteresseerden kennis te laten maken met het vak. Elke keer staat een andere ambassadeur centraal met zijn of haar verhaal.

Afgelopen jaren stonden ambassadeurs van bedrijfsartsworden.nl regelmatig in klaslokalen of op drukbezochte carrièrebeurzen. Sinds de uitbraak van COVID-19 was dat niet of nauwelijks meer mogelijk. Om toch geneeskundeprofessionals en -studenten kennis te kunnen laten maken met het vak, is nu het online spreekuur ontwikkeld.

Online alternatief

Het doel is om volledig coronaproof een inspirerende, informatieve en persoonlijke sessie te houden voor geïnteresseerden. Bij het spreekuur staat telkens één ambassadeur centraal met zijn of haar verhaal. Elk spreekuur geeft een klein inkijkje in het werkende leven van de bedrijfsarts en biedt volop ruimte voor deelnemers om vragen te stellen over het vak en de opleiding.

Zoom in

De online sessie duren maximaal een uur. Deelname aan het spreekuur is gratis, wel moeten geïnteresseerden zich aanmelden via bedrijfsartsworden.nl/onlinespreekuur.

 

Een andere afslag

Een tijd geleden was ik te gast bij de podcast van De andere dokter. Hierin vertel ik onder meer dat ik als geneeskundestudent een duidelijk doel voor ogen had; ik wilde orthopeed worden. De rest vond ik niet interessant. Totdat ik daadwerkelijk, na jarenlang studeren op de orthopedie-afdeling rond mocht lopen. Ik had daar zo lang naar uitgekeken. En toen kwam ik erachter dat het toch niet mij paste. Een moeilijke conclusie, want dit was toch wat ik altijd wilde?

Benieuwd hoe ik uiteindelijk aios bedrijfsarts werd? Beluister de podcast.

Kijktip: Ziek door je werk

Onlangs zag ik de documentaire ‘Ziek door je werk’, van de hand van Pointer  (KRONCRV); je kunt de volledige aflevering hier op NPO Start bekijken. Als bedrijfsarts heb ik er deels met afschuw, deels met genoegen naar gekeken. De reden? Aandacht voor beroepsziekten en adequate zorg voor mensen met een beroepsziekte staan niet hoog op de politieke agenda. Deze documentaire maakt pijnlijk duidelijk dat dit wél zou moeten.

Trage rechtsgang

In de documentaire zien we dat Edward schildersziekte heeft, waarschijnlijk doordat hij met giftige stoffen heeft gewerkt. Hij heeft zijn oud-werkgever aansprakelijk gesteld, maar weet niet of en wanneer hij in het gelijk wordt gesteld. We zien ook Jaco. Hij werd ook ziek, maar raadt iedereen met klem af om een beroepsziektezaak aan te spannen. Zijn zaak duurde negen jaar en daar heeft hij zwaar onder geleden.

Kernwaarden

Over de rechtsgang in Nederland kan ik niet goed oordelen, maar de documentaire maakt voor mij wel eens te meer duidelijk dat bedrijfsartsen met name preventief meer ruimte moeten krijgen, meer ruimte moeten opeisen wellicht ook. Het herkennen, opsporen, aanpakken en waar mogelijk voorkomen van beroepsziekten en beroepsgebonden aandoeningen is namelijk een belangrijk element  van arbeidsgerelateerde zorg. Het is een professionele taak en een maatschappelijke verantwoordelijkheid van de bedrijfsarts die is opgenomen in de tien kernwaarden van de NVAB. Een bedrijfsarts moet ongehinderd toegang hebben tot de werkplek. Werkenden hebben recht op een arbeidsomstandighedenspreekuur. Een spreekuur waarbij je met de bedrijfsarts in alle anonimiteit kan spreken, zonder dat de werkgever hiervan weet, ook als er nog geen sprake is van ziekte. Helaas weet niet iedere werknemer dit. Werk aan de winkel dus…

“Klinische klachten extra interessant”

De vrijdag voor mijn vakantie kom ik iets voor half negen aan op de spreekuurlocatie. Vandaag heb ik twaalf cliënten, zie ik in mijn planning. Dat valt mee. Vol goede moed begin ik aan mijn spreekuur. Bij zeven van de twaalf spreekuren gaat het om cliënten met psychische klachten. Bijna 60%. Tijdens mijn studie heb ik geleerd dat een derde van het ziekteverzuim psychisch van aard is. Mijn vermoeden is al langer dat we veel meer psychisch verzuim zien in onze spreekkamer dan in de literatuur wordt beschreven. Dat blijkt vandaag maar weer. De andere 40% van de klachten die ik deze dag als bedrijfsarts zie zijn klinisch van aard. Voor mij zijn dit altijd extra interessante casussen. Ik kan dan lichamelijk onderzoek doen en meedenken in de differentiaaldiagnose, de behandeling en verdere onderzoeken.

Astma bronchiale

Voordat ik aan mijn carrière als bedrijfsarts begon, heb ik longgeneeskunde gedaan. Ik heb daarom veel affiniteit met astma/COPD, wat mij deze vrijdag goed van pas komt. Ik zie tijdens een van de spreekuren een vrachtwagenchauffeur met een astma bronchiale met persisterende obstructie en een allergische bronchopulmonale aspergillose. Het probleem speelt al langer en het is niet het eerste gesprek dat ik met hem voer. De man heeft de afgelopen jaren veel recidieven gehad en is hiervoor behandeld met prednison en antibiotica. Toen hij bijna een jaar verzuimde met recidiverende longklachten hebben we als arbodienst een expertiseonderzoek ingezet.

Een expertisecentrum beoordeelt gezondheidsklachten en medische beperkingen van mensen die langdurig ziek en arbeidsongeschikt zijn. Zij bieden daarin duidelijkheid over adequate behandeling en belastbaarheid voor arbeid, bijvoorbeeld als herstel en re-integratie stagneert, als een diagnose of prognose onduidelijk is, als er twijfel bestaat over benutbare mogelijkheden of de noodzaak van een behandelinterventie. In dit geval zette ik het expertiseonderzoek in op verzoek van werkgever. Die wilde graag weten of zijn medewerker nog terug kon keren in zijn eigen werk als vrachtwagenchauffeur.

Schakelen met longarts

Parallel aan het expertiseonderzoek heb ik ook medische informatie bij de longarts opgevraagd met de vraag of de behandeling optimaal was. De laatste maanden werd er alleen maar behandeld met prednison. De aspergilles zelf leek niet aangepakt te worden. Door de coronamaatregelen vonden de adviezen en de behandeling allemaal telefonisch plaats. In mijn ogen is dit niet de juiste aanpak, zeker niet als de klachten niet lijken op te knappen. Na aandringen kon mijn cliënt in juli toch op fysieke controle bij de longarts. Hij kreeg itraconazol 100mg voor een periode van drie maanden. De klachten leken eindelijk wat af te nemen. Mijn cliënt had minder dyspneuklachten, sliep beter en kon overdag al meer ondernemen. Ik wilde graag ook een VO2 max laten doen om zijn belastbaarheid te berekenen en pleitte voor de inzet van een revalidatieprogramma. Dat was echter vanwege coronamaatregelen nog niet mogelijk, volgens de longarts.

Kansen op werkhervatting

De uitkomst van het expertisecentrum was dat hij goed behandeld werd. Over de toekomst van het werk konden ze nog geen uitspraak doen. Eerst moest het effect van de behandeling afgewacht worden. Wel is een FML voor een arbeidsdeskundig onderzoek opgesteld, een lijst met functies die zouden kunnen passen bij de belastbaarheid van mijn cliënt. Ook heeft het expertisecentrum een tweesporenbeleid geadviseerd.

Tijdens het spreekuur besprak ik de uitkomst van dit expertiseonderzoek met meneer. Hij was erg teleurgesteld en had meer verwacht van de uitkomst, met name van de behandeling. Na het spreekuur heb ik de uitkomst ook met de werkgever gedeeld en hen geadviseerd om een re-integratiebureau in te zetten, om zo ook de mogelijkheden op de arbeidsmarkt te onderzoeken voor mijn cliënt. Het doel blijft tot nader order terugkeer in eigen werk, maar voor de zekerheid wordt er ook al gekeken naar ander werk bij een andere werkgever, het zogeheten ‘tweede spoor’.

Veel fietsen

Verder besprak ik deze vrijdag met mijn cliënt zijn dagindeling. Hij probeert nu, op mijn advies, zelf minimaal twee keer in de week een flink aantal kilometers te fietsen. Verder probeert hij in de tuin bezig te zijn, de planten te verzorgen en het gras te maaien. Het lukt hem goed overdag bezig te blijven. Ik ben blij voor mijn cliënt dat het hem goed gaat met de nieuwe medicatie en dat hij stappen maakt in zijn belastbaarheid. Als het zo goed blijft gaan zouden we weer een start kunnen maken met een stukje werkhervatting.

Tegelijkertijd vraag ik me af of dit met zijn ziektegeschiedenis en de vele recidieven realistisch is. We maakten daarom de afspraak om vanaf 17 augustus te starten met 4 dagen 2 uur aangepast werk. Ook zou er een start met het 2e spoortraject gemaakt worden via een re-integratiebureau. Over 6 weken spreken we een nieuw spreekuur af om de belastbaarheid en het beloop opnieuw met elkaar te evalueren. Tevreden sluiten we beiden het gesprek af. Mijn vakantie kon beginnen.

Corona: bedrijfsartsen dé adviseur op de werkvloer

Op 4 maart plaatsten wij een nieuwsbericht over de rol van de bedrijfsarts bij de uitbraak van COVID-19. Op dat moment was het virus bij 24 mensen aangetroffen in Nederland. Inmiddels is het aantal positief geteste mensen in ons land opgelopen naar 38.802 (29 april 2020). De virusuitbraak had vanaf het begin directe gevolgen voor zorgverleners, ook voor bedrijfsartsen. De bedrijfsarts werd stante pede adviseur over de preventie van de virusverspreiding op de werkvloer. Met maatwerkoplossingen helpen bedrijfsartsen sindsdien werkgevers en werknemers om de verspreiding van het virus tegen te gaan. Ook adviseren ze sinds de uitbraak bedrijven hoe ze het werk, als dat mogelijk is, op een veilige manier door kunnen laten gaan. De bedrijfsarts is feitelijk een COVID19-vraagbaak voor werkend Nederland geworden, door zelf adviezen uit te brengen of door professionals naar de juiste deskundigen door te verwijzen. De afgelopen weken, waarin de ‘intelligente lockdown’ zich ontwikkelde tot het ‘nieuwe normaal’ hebben bedrijfsartsen hun rol verder verbreed, met name in de samenwerking tussen bedrijfsartsen en in de multidisciplinaire samenwerking tussen zorgverleners.

Kennisbundeling arbeidsgerelateerde zorg

‘Alleen samen krijgen we het coronavirus onder controle’. Dat is de kernboodschap van de Rijksoverheid over de landelijke aanpak van COVID-19. Deze boodschap richt zich nadrukkelijk ook op zorgverleners binnen het domein arbeid en gezondheid. Na de intelligente lockdown werden al snel bijeenkomsten van bedrijfsartsen, zoals die van de beroepsvereniging NVAB, geannuleerd. Toch zijn veel meetings op alternatieve manieren doorgegaan, bijvoorbeeld via beeldbellen, vanwege het belang van onderlinge kennisdeling en samenwerking tussen bedrijfsartsen. Ook het snel en adequaat delen van kennis met andere deskundigen, zoals arbeidshygiënisten, is in deze periode belangrijker dan ooit. Bedrijfsartsen werken momenteel extra intensief samen met andere deskundigen en beroeps- en brancheverenigingen voor bedrijfsgezondheidszorg. Zo dragen verschillende kennispartners, waaronder bedrijfsartsen, bij aan kennisnieuwsbrieven over COVID-19 en arbeidsgerelateerde zorg.

Triage, melding en testbeleid

Ander goed voorbeeld van multidisciplinaire samenwerking is de samenwerking bij het testbeleid voor zorginstellingen. Triage, aanmelding en aanvraag van testen zijn hier in de ogen van GGD-en reguliere werkzaamheden van bedrijfsartsen. In deze Coronatijd bieden bedrijfsartsen deze diensten daarom ook proactief aan bij zorgklanten. Ook spelen bedrijfsartsen een rol bij het ontwikkelen van het testbeleid. Zo werkten OVAL en de NVAB mee aan het landelijke testbeleid van GGD GHOR, de belangenvereniging van de 25 GGD-en.

Kortom, ook in het domein arbeid en gezondheid wordt er hard gewerkt om het virus onder controle te krijgen. Wil je meer weten over de rol van bedrijfsartsen daarin? Bekijk dan ook de themapagina van de NVAB.

Drie arbodienstverleners verder onder één naam

Sinds 1 november 2020 zijn de arbodienstverleners Argo Advies, Blijwerkt en de Arbodienst verder gegaan onder de naam ‘De Arbodienst’. In januari 2020 maakten de arbodienstverleners al bekend te gaan samenwerken, per 1 november is de samenwerking verder geïntensiveerd door vanuit één naam te opereren.

Spiegel voorhouden

Volgens algemeen directeur Lars Vissers ligt er met de samenwerking een goed fundament waarbij ‘anders denken, lef hebben, continue innoveren en veranderen de basis is’. ‘We houden een spiegel voor en stimuleren organisaties en medewerkers naar zichzelf te kijken, te reflecteren en stappen te zetten. Stappen naar meer werkplezier en bevlogenheid, minder verzuim en een hogere duurzame arbeidsproductiviteit.’ De Arbodienst is onderdeel van paraDIGMA groep.

Hoe ga je als bedrijfsarts om met nachtwerk?

Nachtwerk. Lekker rustig en makkelijk geld verdienen, toch? Maar wist je dat nachtwerk kan leiden tot slaapproblemen, vermoeidheid, griepklachten en een verhoogde kans op diabetes en hart- en vaatziekten? Als bedrijfsarts kun je op meerdere manieren met nachtwerk aan de slag.

‘Stap één: kijk of nachtwerk kan worden vermeden’. Dit stelt de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB). De beroepsvereniging publiceerde onlangs een nieuwe richtlijn over nachtwerk en gezondheid en besteedt momenteel extra aandacht aan het onderwerp. Ook in vakblad Medisch Contact werd de nieuwe focus van de NVAB in de spotlight gezet, met een uitgebreide coverstory: ‘Nachtwerk mag niet vanzelfsprekend zijn’.

Klachten verminderen

Preventie is altijd beter dan genezen, maar wat als nachtwerk niet vermeden kan worden? “Een rooster met nachtwerk is nooit gezond, maar je kunt als het toch nodig is wel proberen om de negatieve effecten van nachtwerk te beperken”, zegt RIVM-onderzoeker Bette Loef in een artikel van RTL Nieuws. In het artikel legt ze uitgebreid uit welke negatieve klachten kunnen optreden bij nachtwerk. Ook geeft Loef een paar voorbeelden hoe werkende mensen het best met nachtwerk om kunt gaan:

  • Zorg voor voldoende rust tussen de diensten.
  • Houd een regelmatig slaappatroon aan.
  • Werk niet teveel nachtdiensten achter elkaar.

Nachtwerk en corona

Het onderzoek van Loef is uitgevoerd vóórdat corona uitbrak, maar er zijn parallellen tussen corona en de klachten die onderzocht zijn, zoals koorts en verkoudheid. “Het is nu heel belangrijk om nachtwerkers goed te beschermen”, zegt Loef. “Dan bedoel ik niet alleen fysiek, met mondkapjes en dergelijke, maar ook in hun eigen gezondheid. Nachtwerkers moeten genoeg tijd krijgen om te herstellen en uit te rusten. Het is belangrijk dat zij goed kunnen slapen en gezond kunnen blijven.” Door de gezondheid te beschermen worden verspreidingsrisico’s onder nachtwerkers minder groot. Ook komt er minder druk te staan op zorgverleners.

Vroeg opstaan

Wat vaak vergeten wordt is dat heel vroeg werken – tussen 1 en 6 uur – ook nachtwerk is. In het AD legt Marijke Gordijn, chronobioloog en gastonderzoeker aan de Rijksuniversiteit Groningen, uit hoe groot de invloed van licht is op onze biologische klok. “Licht bepaalt ons ritme. Je bloeddruk stijgt bijvoorbeeld al vóórdat je opstaat, ter voorbereiding op de dag.” Door onvoldoende (dag)licht wil je onbewust later gaan slapen, zelfs als je vroeg op wilt staan. En dat levert slaaptekort op. Gordijn: “Op de korte termijn beïnvloedt slaaptekort je stemming. Daarnaast ben je minder fit en alert, dus ga je langzamer werken om fouten te voorkomen.”

In het artikel geeft Marijke Gordijn ook een aantal praktische tips om vroeg opstaan en nachtwerken beter vol te houden:

  • Zorg bij het opstaan voor een halfuur daglicht of gebruik een lichttherapielamp.
  • Zorg overdag regelmatig voor sterk licht. Ga bijvoorbeeld vaker naar buiten of zet je werktafel bij een raam.
  • Verminder avondlicht. Blijf niet tot diep in de nacht doorwerken of op je telefoon scrollen.
  • In het weekend bijslapen? Houd liever het doordeweekse ritme aan.

Maatwerk

Zoals bij veel arbeidsgerelateerde zaken blijft het omgaan met nachtwerk altijd maatwerk. Soms kunnen nachtdiensten vermeden worden, maar bij sommige beroepen is nachtwerk nu eenmaal noodzakelijk. In dat geval kijk je als bedrijfsarts samen met werkgever en werknemer naar alle mogelijkheden. Je geeft praktische tips en denkt mee over verbeteringen voor de inrichting van onder meer werkzaamheden, werktijden en de werkplek.

Meer weten over hoe je als bedrijfsarts het verschil kunt maken, onder andere voor nachtwerkers? Ga een gesprek aan met een van onze ambassadeurs!

‘Het vak zo leuk maken als je maar wilt’

Met Suzanne Driessen verwelkomen we een nieuwe ambassadeur voor het vak bedrijfsgeneeskunde. Voor haar is de charme van haar werk als bedrijfsarts dat ze op allerlei plekken komt. ‘Ik neem een kijkje in de keuken bij veel verschillende bedrijven en verdiep me in alle processen om hen zo goed mogelijk te kunnen adviseren. Daarmee help ik werknemers naar hogere niveaus van duurzame inzetbaarheid, op mentaal, fysiek én sociaal niveau. Dat vind ik heel belangrijk. Net als het preventief bezig zijn binnen mijn vakgebied om verzuim te voorkomen.’

Doorgroeimogelijkheden

Suzanne werkt als bedrijfsarts bij Healthcare. Ze haalt niet alleen veel voldoening uit het verder helpen van werkenden, maar vindt ook de doorgroeimogelijkheden erg fijn. De mogelijkheid om je binnen de bedrijfsgeneeskunde verder te specialiseren – in bijvoorbeeld oncologie of longgeneeskunde – betekent voor haar dat het werk nooit saai zal worden. ‘Je kunt het vak zelf zo leuk maken als je maar wilt, zeg ik altijd.’ Woon je in of nabij Venlo en wil je meer te weten te komen over het vak? Mail dan Suzanne voor een (bel)afspraak of meeloopdag!